Vragen van lezers

 

 

   

 

Vragen van lezers over het boek 'Ziel en Geest' en van cursisten

hansachterburo.jpg


Verschillende lezers hebben ons reacties gestuurd naar aanleiding van het in januari 2008 verschenen boek Ziel en Geest. Onder het kopje testimonials in de menubalk van deze site kun je hun bevindingen lezen. Daarnaast kregen we ook een aantal inhoudelijke vragen over het boek binnen die wij de betreffende lezer persoonlijk hebben beantwoord. Als extra informatie voegen we hier een selctie van deze vragen met de door ons gegeven antwoorden toe.

Vraag: Wat is het onderscheid tussen een gids en een entiteit? (Wouter mrt 2008)

Atwoord: Entiteiten en gidsen zijn zonnevonken die mens zijn geweest. Het verschil is dat een gids niet meer terug hoeft te incarneren naar de materiële wereld en een entiteit wel. De zonnevonk (ziel) van een gids draait namelijk te snel om zich nog in de materiële wereld te kunnen handhaven. Dat is bij een entiteit niet het geval. Een gids zal zijn zonneweg vervolgen in de immateriële wereld waarin hij ervaringen opdoet die zijn zonnevonk nog sneller zal doen draaien net zolang totdat hij een zonnekracht is geworden.

Een entiteit is een overleden mens waarvan zijn zonnevonk, door de omstandigheden, niet de weg naar het licht heeft gevonden. Als wij als mens overlijden gaan we naar de 8ste sfeer, zoals Helios dat noemt. Dat is een rustsfeer en tevens een voorbereidingsfase voor een nieuwe incarnatie. Als een zonnevonk deze rustsfeer niet weet te bereiken dan blijft hij hangen in de zogenaamde niet-sfeer. Dat is een aan de aarde gebonden immateriële wereld. Het is niet de bedoeling dat deze zonnevonken daar blijven. De bij hen behorende gidsen doen er alles aan om hen te begeleiden naar de 8ste sfeer. Vaak zijn entiteiten langzaam draaiende zonnevonken die niet voldoende bewustzijn hebben en vaak onder geweldadige omstandigheden zijn overleden om zich bewust te zijn dat zij naar het licht toe moeten gaan. Zij blijven dan hangen in de niet-sfeer.

Een mens kan in staat zijn om zowel met een gids als met een entiteit contact te hebben. Maar Helios raadt het contact met een entiteit af omdat het contact met een entiteit schadelijk is voor de mens. Een entiteit heeft de energie van de mens nodig om zich te kunnen handhaven. Dat is bij een gids niet het geval. Er is nog een verschil. Een gids zal altijd zuivere antwoorden op vragen geven. Een entiteit verpakt zijn boodschap heel vaak in termen van moeten, willen en geboden en verboden. Door dit verschil in de boodschap kan men ontdekken of men met een entiteit of een gids te maken heeft. 

Vraag:
Wat is het onderscheid tussen persoonlijkheid en karakter? (Annet okt. 2008 en Wouter okt. 2008)

Antwoord:
In hoofdstuk 2.6 van het boek worden de persoonlijkheid en karakter genoemd. Deze begrippen worden in dit boek niet nader uitgewerkt. De reden is dat dit gaat gebeuren in ons tweede boek, dat de titel draagt  ‘persoonlijkheid en ego'. We kunnen ons voorstellen dat het onderscheid tussen deze twee daardoor onduidelijk blijft. We hebben ervoor gekozen om het in een volgend boek uitgebreid te gaan behandelen.
 
We hebben drie soorten gedachten:
1. onze herinneringen uit het verleden
2. onze opvattingen in het nu
3. onze verwachtingen naar morgen

Meer soorten zijn er niet. Deze drie soorten van gedachten vormen onze persoonlijkheid. Onze persoonlijkheid is niet meer dan een verzameling gedachtepatronen. Als we onze gedachten stilzetten, zetten we daarmee onze persoonlijkheid stil. Het ego wordt gevormd door een klein deel van deze gedachtepatronen. Namelijk die gedachten die verstard zijn in onaantastbare overtuigingen (= opvattingen en meningen). Egogedachten handhaven zich sterk en zijn moeilijk te veranderen. Dit zijn ook de veroordelende en beoordelende gedachten.

Het karakter is wat anders. Dat zijn onze talenten die we meegekregen hebben met onze geboorte. Het karakter heeft ook een sterke relatie met ons lichaam. Ons lichaam drukt onze mogelijkheden en onmogelijkheden uit in datgene wat we kunnen neerzetten in ons leven. Bij het ontstaan van ons lichaam in de baarmoeder heeft onze zonnevonk veel invloed op de vorm en mogelijkheden die ons lichaam in dit leven ons geeft. Daarom is ons karakter ook gerelateerd aan de zonnevonk. Een snel draaiende zonnevonk zorgt ook voor een gevoelig lichaam. En die gevoeligheid uit zich weer in het karakter dat iemand uitstraalt. Het karakter komt tot zijn volledige ontwikkeling rond de puberteit. Daarna staat het vast. Dat is het dan. Het karakter bepaalt onze mogelijkheden.

Rond het twintigste jaar is onze persoonlijkheid gevormd. Maar persoonlijkheid is geen statisch iets. Het is onderhevig aan veranderingen gedurende ons hele leven. Onze persoonlijkheid geeft vorm aan ons paradigma. Is onze persoonlijkheid verstard dan is ons paradigma dat ook. Een vastgeroest paradigma, vol zekerheden en overtuigingen, is gebaseerd op een vastzittende persoonlijkheid. De persoonlijkheid is dan niet meer flexibel en in staat te leren van de ervaringen. Onze gedachten zijn een uitdrukking van ons paradigma. Het paradigma is een uitdrukking van onze persoonlijkheid. Zie figuur 12 op blz. 233.

We geven je hierbij nog twee vragen die door Helios hierover zijn beantwoord.

Vraag 1157, 1180
Waardoor wordt het karakter gevormd en wat is de functie van het karakter?

Antwoord: 
Het karakter is een manifestatie van de geest, met name dat deel van de geest dat geheel bepaald is en ingegeven wordt door lichamelijke aanleg en constitutie. Het karakter groeit met de jaren. Het wordt gevormd en beïnvloed door het samenspel van geest, intelligentie, sociale factoren en de persoonlijkheid. Karakter en persoonlijkheid hangen nauw met elkaar samen, waarbij karakter voornamelijk uit aanleg van de betreffende mens bestaat en persoonlijkheid uit allerlei factoren die de mens in zijn leven op zijn weg krijgt. Het karakter is een basis die al ingesloten zit in alles wat de mens als capaciteiten in zich draagt. Het is in de basis al aanwezig als het kind geboren wordt. De doos waarin de aanleg van het karakter zit, wordt met de geboorte opengemaakt en dan gaat het vormingsproces beginnen. Het karakter wordt gevormd en daarmee gepaard gaand ontwikkelt zich ook de persoonlijkheid. Zonder karakter zou er geen persoonlijkheid kunnen zijn omdat pas door de ontwikkeling van het karakter de persoonlijkheid een ontplooiing krijgt. 
Karakter wordt door de groei tot een bepaald punt gebracht, maar bij de tienerleeftijd houdt dit op. De persoonlijkheid groeit nog door en wordt uiteraard wel enigszins ook door het karakter beïnvloed en andersom. Het is een wisselwerking tussen beiden, waarbij de een veranderlijker is dan de ander. Het karakter is een fundament van de mens, wat ook -  behalve door bovengenoemde factoren -  bepaald wordt door het mensenlichaam zelf, door de genen en de verdere lichamelijke eigenschappen.

Vraag 1133, 1315
Wat is de functie van onze persoonlijkheid?

Antwoord
De persoonlijkheid heeft uitsluitend een materiële functie. Het is nodig voor de mens om zijn aardse, materiële leven te leiden. Het is ervoor om hem een soort materiële bescherming te geven.
Voor immateriële dingen is de persoonlijkheid een sta-in-de-weg, een obstakel. De persoonlijkheid is wel hard nodig voor mensen om als mens te kunnen functioneren, mits op de juiste wijze ingezet en daar ontbreekt het vaak aan. Mensen zijn vaak alleen maar persoonlijkheid, terwijl de persoonlijkheid slechts een aspect van de mens zou moeten zijn, een hulpmiddel dat doelbewust ergens voor ingezet kan worden. Dan is de persoonlijkheid onontbeerlijk en heel belangrijk, ook in het samenspel tussen materie en immaterie, maar dat komt bij mensen nu nog vrij weinig voor. Er zijn er die dat kunnen, maar die kunnen zich moeilijk handhaven binnen de mensenwereld, omdat ze hierdoor een andere benaderingswijze van de dingen hebben. Persoonlijkheid is een onderdeel van de geest en is net als gedachten, bedoeld als instrument om de mens te helpen te functioneren als mens, op een zodanige manier dat ook zijn zonnevonk in zijn groei gestimuleerd wordt in plaats van geremd, zoals dat nu vaak gebeurt.

De persoonlijkheid speelt een belangrijke rol als er bijvoorbeeld in het leven een keuze gemaakt moet worden. In de regel maken de mensen een keuze op basis van uitsluitend de persoonlijkheid en daaruit voortvloeiend vanuit hun gedachten. De intuïtie wordt dan buiten beschouwing gelaten. Ideaal zou zijn om te kiezen vanuit het gevoel en dan pas de persoonlijkheid erbij in te schakelen op het moment dat de keuze definitief wordt. De persoonlijkheid kan dan, gevoed door de intuïtie, de beslissing goed formuleren en neerzetten zonder allerlei bedachte en beargumenteerde redenaties. De persoonlijkheid kan dan het materiële deel en de materiële aspecten van die persoon verwoorden en omdat dat samengaat met de intuïtie krijgt je een goede en wel overwogen beslissing.

Vraag: Dank je wel voor jullie tot op zekere hoogte duidelijk antwoord op mijn vraag over het onderscheid tussen persoonlijkheid en karakter. Ik schrijf met opzet "tot op zekere hoogte" omdat het me theoretisch gezien duidelijk is. Maar ik kan de theorie nog niet toepassen in de praktijk. Als ik begrippen als betrouwbaarheid, vasthoudendheid, flexibiliteit, enthousiastme, etc. neem en die probeer in te passen in een van de twee hokjes, dan krijg ik het gevoel dat ik het nog niet begrijp. Woordenboeken en Wikipedia brengen me ook al niet verder. Verstrekken jullie in het volgende boek daarover meer duidelijkheid? Veel Groeten (Wouter, okt. 2008)

Antwoord: Bedankt voor je mail. Al de begrippen die je noemt hebben betrekking op onze persoonlijkheid en dan speciaal op het ego. Er is een onderscheid tussen persoonlijkheid en ego. Persoonlijkheids-eigenschappen zijn neutraal en die van het ego niet. Aan de ego-eigenschappen zijn de emoties gekoppeld. Als persoonlijkheids-eigenschappen zich energetisch verstarren worden het ego-eigenschappen. De begrippen die je noemt zijn geen eigenschappen van het karakter. Er zijn persoonlijkheidskenmerken, zoals bijv. betrouwbaarheid, die een zodanige basis in je persoonlijkheid hebben dat ze op den duur het karakter gaan beïnvloeden. Ze worden dan een deel van het karakter. Maar de oorsprong ligt in de persoonlijkheid. Evenzo zullen eigenschappen van het karakter, zoals goed zijn in muziek, sport, wiskunde ed. de persoonlijkheid weer beïnvloeden. In ons volgende boek gaan we vooral verder in op de persoonlijkheid, het ego en hun relatie met de emoties. Het toepassen van dit geheel op een praktische manier zal zeker ook aan de orde komen.

Vraag: Ik heb een vraag over tweelingzielen. Ik voeg hierbij een stuk tekst toe als toelichting (Julien, febr. 2009)

Antwoord: Hoi Julien. Ik heb je stukje gelezen over tweelingzielen en ik ontdek dat je een bepaald beeld hebt over wat je onder tweelingzielen verstaat. Het totale beeld waarin je het tweelingziel gebeuren plaatst is me niet geheel duidelijk Wel zie ik dat je bepaalde aannames hebt die je worsteling hiermee bepalen. In ons boek op blz. 112 bespreken we de verbinding tussen de zielen, waaronder ook de tweelingzielen aan de orde komen. Binnen het Heliosparadigma betekent een tweelingziel een speciale zielsverwantschap. Zielsverwantschappen zijn er altijd en overal als ondersteuning op onze zonneweg hier op aarde. Dit staat geheel los van de Nieuwe of Oude tijd. Wat jij over tweelingziel schrijft is gekaderd binnen een ander paradigma, dus binnen een ander uitgangspunt dan dat van Helios en daarom voor mij moeilijk om de context waarbinnen je dit schrijft te doorgronden.

Vraag: Als ik spreek over tweelingzielen dan bedoel ik hiermee het volgende. Iedere ziel maakt deel uit van een zielengroep. Deze zielengroep is bij elkaar voordat de ziel incarneert in het lichaam. Twee van deze zielen uit deze groep zijn elkaars complementair, zoals Ying en Yang. Deze twee noem ik tweelingzielen. Nu de kern van mijn vraagstelling, die ook binnen jouw context geldig is. Je spreekt namelijk over zielsverwantschap. Zielsverwantschap spreekt namelijk enige voorkeur uit om bepaalde zielen tot elkaar te laten komen en anderen niet. In het geval van tweelingzielen is die verwantchap oersterk. Als ik deze voorkeur verwantschap plaats in de nieuwe tijd, dan klopt dat niet meer. Want in de nieuwe tijd bestaat er geen voorkeur meer omdat het geheel zich anders niet meer gedraagd als een eenheid. De kern van de vraag is dus, is het noodzakelijk dat de zielsverwantschappen moeten worden opgeheven om de sprong naar de nieuwe tijd te kunnen maken? Kortom, mogen de verbindingen tussen zielen geen voorkeur meer hebben? (Julien, febr. 2009)

Antwoord: Ik deel je mening dat iedere ziel deel uitmaakt van een zielengroep en dat deze zielengroep bij elkaar is voordat de zielen een incarnatie aangaan. Ze maken vaak met elkaar afspraken om elkaar te steunen in de ervaringen die ze willen aangaan in hun incaranties. Als zielen gezamelijke afspraken maken om elkaar te helpen met bepaalde ervaringen, dan kun je dat vanuit onze materiële werkelijkheid zien als voorkeur. Maar in de immateriële wereld bestaat geen voorkeur, omdat dit een dualiteitsbegrip is dat alleen binnen onze menselijke persoonlijkheid bestaat. Als er een voorkeur is dan is er ook een afkeer in onze materiële wereld. Helios spreekt eerder over helpende of niet-helpende ervaringen. Zielen steunen elkaar en doen dat vaak in groepen en die groepsvorming ontstaat op basis van de trillingsfrequenties van de zielsenergie ofwel zonnevonk. Gelijke energieën trekken elkaar aan en ongelijke stoten elkaar af. Helios noemt dit een universeel principe. Als zielen met ongeveer gelijke trillingsfrequentie met elkaar optrekken delen ze ook gelijksoortige ervaringen met elkaar. Zouden de frequenties van zielen die met elkaar optrekken grote verschillen vertonen dan kunnen ze elkaar niet steunen. Langzaam draaiende zielen hebben andere ervaringen nodig om te groeien dan sneldraaiende zielen. Daarom zoeken gelijke zielen elkaar ook op. Hun ervaringsenergie wordt in de zonnevonk opgenomen. Men kiest er vaak voor om vele incarnatie met ongeveer dezelfde groep op te trekken omdat deze groep ook vele gelijksortige ervaringen met elkaar hebben gedeeld. En die gedeelde ervaring is gunstig voor de zonnevonk ontwikkeling. En het groeien van de trillingsfrequentie van de zonnevonk is een universele drang. Dat gaat voor alles. Daar alle zonnevonken een afsplitsing zijn van het Goddelijke geheel blijft de eenheid van alles altijd bestaan. De eenheid heeft altijd bestaan, ook in onze aardse begrip van verledentijd. Dus er kan geen nieuwe tijd ontstaan waar een eenheid komt die er eerst niet was. Dat is universel gezien onmogelijk. Helios drukt de eenheid van alles altijd als volgt uit: alles is één en één is alles.

Door het begrip voorkeur te gebruiken trek je een materieel begrip naar een immateriële situatie. Door materiële en immateriële begrippen door elkaar te gebruiken onstaat er verwarring. Omdat voorkeuren in de immateriële werld niet bestaan kun je ook niet spreken over een Oude en een Nieuwe tijd. Dat zijn ook weer materiële begrippen. Tijd bestaat niet in de immateriële wereld. Wel spreekt Helios over bewustzijnsontwikkeling en die gaat in de ene aardse periode sneller dan in de andere aardse periode. Momenteel zitten we in een periode, hier op aarde, waarin dat sneller gaat dan in het verleden.

Je schrijft, twee zielen uit deze groep zijn complementair, zoals Yin en Yang. Deze twee zielen noem je tweelingzielen. Complementaire begrippen zijn verschillende voorstellingen van dezelfde materiële werkelijkheid, zoals bv. mannelijk en vrouwelijk. Deze begrippen definiëren elkaar en sluiten elkaar tevens uit. Ze behoren als het ware tot één medaille. De ene kant is vrouwelijk, de andere kant is dan mannelijk. Het zijn dualiteitsbegrippen. Zoals dat ook voor hoog en laag geldt, mooi en lelijk, zwart en wit en bv rijk en arm. Complementaire begrippen bestaan alleen in de materiële wereld en niet in de immateriële wereld. Daar is geen dualiteit, dus tweelingzielen kunnen daarom niet complmentair zijn.

Ik hoop dat je begrijpt waarom ik erg hecht aan een zorgvuldig woordgebruik. Op dit terrein bestaat nl. een enorme spraakverwarring. Veel mensen gebruiken van alles door elkaar wanneer ze spreken en schrijvern over de immateriële wereld. Ze koppelen ook vaak materiële begrippen aan immateriële. De immateriële wereld wordt dan te veel omschreven in materiële begrippen, waardoor de zielenwereld binnen onze materiële voorstellingen wordt getrokken en er veel verwormingen optreden.

Helios maakt een onderscheid tussen tweelingzielen en zielsverwantschap omdat beiden toch echt anders zijn. In de immateriële wereld komt tweelingzielen voor. Dat is een gesplitste ziel, die dan binnen de materie twee mensen oplevert. Maar die zijn dan energetisch zo sterk van elkaar afhankelijk dat ze alleen als eeneiïge tweeling geboren kunnen worden. Het is een heel gecompliceerde aanwezigheid die voor deze twee zielen een moeizame weg is. Tevens komt deze vorm zo zelden voor dat wij hier op aarde zelden zo'n vorm zullen tegenkomen. Maar het verschil bestaat en daarom maakt Helios onderscheidt tussen een tweelingziel en zielsverwantschap. Zielsverwantschap is een algemeen voorkomende aanwezigheid. Maar in onze houdige cultuur is tweelingziel zo ingeburgerd dat als we over tweelingzielen spreken we eigenlijk zielsverwantschap bedoelen. Dat is ook niet erg. Maar Helios moet het wel zuiver formuleren en het onderscheidt maken.

Zielsvewantschap hoeft ook niet voorbehouden te zijn aan bijv. een man of een vrouw. Ze kunnen ook van hetzelfde geslacht zijn. Ook hoeft zielsverwantschap niet altijd harmonieus te zijn. De kern van zielsverwantschap zit hem in de gedeelde ervaring. Je zorgt met elkaar voor gezamelijke ervaringen die je ,voordat de incarnatie wordt aangegaan, met elkaar hebt afgesproken. Het gaat om het aangaan en ervaren van die specifieke ervariigen. en die ervaringen hoeven niet speciaal mooi of harmonieus te zijn. De mensen maken er harmonie van, vanuit een verlangen naar steun.

Vraag: Kun je ons wat meer helderheid geven over het onderscheid tusen denken en gedachten? (Daisha, mei, 2009)

Antwoord: Belangrijk is het onderscheid tussen denken en gedachten helder te maken, omdat dat een heel moeilijk punt is voor de meeste mensen, omdat in onze taal deze twee woorden een gelijke betekenis hebben. Om het gemakkelijker te maken spreek ik dan ook altijd van denkpunt in plaats van denken. Het denkpunt is het verzamelpunt waar alle impulsen van onze zintuigen samenkomen in de hersenen. Vanuit het denkpunt volgen alle andere reacties, waaruit uiteindelijk al onze gedachten voortkomen. Mijn advies is om het uitsluitend te hebben over het denkpunt als onderscheid met de gedachten, om de mogelijke verwarring zo klein mogelijk te houden.

Gedachten zijn aan de ene kant een reactie op onze impulsen van de zintuigen en aan de andere kant is het een autonoom proces in ons hoofd die maar door rattelt. De gedachten als reacties op onze zintuigen kunnen zinvol zijn, maar vaak zijn het ook herhalingen van steeds weer hetzelfde. De autonoom doorratelende gedachten verstoren ons contact met onze ziel, waardoor we afgesneden worden van onze intuïtie. We kunnen intuïtie alleen trainen als we ook leren onze gedachten te beheersen.

We doen overdag veel onbewuste ervaringen op. Dromen hebben vooral als doel om deze onbewuste ervaringen alsnog een plek te geven, Belangrijk is als we wakker worden om dan het gevoel dat een droom bij ons heeft opgeroepen enige tijd vast te houden en zo goed mogelijk te voelen. Dromen hebben als doel de gevoelens op te roepen die we nog niet goed ervaren hebben. Vandaar dat het belangrijk is 's morgens ons niet te laten wekken door een wekkerradio omdat deze ons ogenblikkelijk uit ons gevoel haalt. Dromen doorvoelen heeft als belangijkste taak om de balans in onszelf te handhaven. Slaapmiddelen verhinderen dat de onverwerkte ervaringen van overdag 's nachts verwerkt worden. Daarom krijgen mensen ook nachtmerries als ze plotseling, na langdurige gebruik van slaapmiddelen, hiermee stoppen. Dan gaan onze hersenen de schade inhalen en dat kan leiden tot onplezierige en angstige dromen.

Vraag: Op onze laatste cursusavond had je het even over spiegels en ervaringherhalingen. Daar is nog veel onduidelijkheid over. Kun je ons daarover wat meer duidelijkheid geven? (Sandra, mei 2010)

Antwoord: Spiegels zijn o.a. reflecties via andere mensen van nog niet verwerkte gevoelens. Maar spiegels laten ons ook zien wie we zijn en niet wie we denken te zijn. Je ontmoet iemand en dan ontstaat er bv. een gevoel dat je vroeger ook hebt gehad. Dat gevoel is meestal ontstaan in de eerste 20 jaar van je leven. Spiegels laten herkenning zien, maar vaak ook oude pijn uit je verleden. Door die spiegel, die via de ander tot je komt, wordt de oude pijn weer levend. Spiegels worden ook vaak neergezet door partners, iemand waarop je verliefd raakt. Die persoon gaat zich dan zo gedragen dat verschillende oude pijnen uit je verleden via hem weer voelbaar worden. Mensen die spiegels neerzetten doen dat volledig onbewust. Het is hun zonnevonk die aanstuurt op dit gedrag waardoor jij de gelegenheid krijgt dit gevoel opnieuw te voelen, waardoor het verwerkt kan worden. Bij spiegels gaat het om het gevoel dat wordt opgeroepen. Omdat we ons daarvan niet bewust zijn willen we die spiegels niet. We willen geen vriend of vriendin die ons de oude pijn weer laat voelen. Heel begrijpelijk allemaal. Daarom doen we die mensen ook weg. Maar er zullen altijd weer anderen komen die hetzelfde doen. Totdat het gevoel is verwerkt en opgenomen is in je energie systeem. Belangrijk is te beseffen dat je niet zelf je spiegels hoeft op te zoeken. Die komen wel vanzelf. Je hoeft ook niet eindeloos een spiegel bij je te houden. Als een partner een spiegel is, maar het is te pijnlijk om daar mee te leven is een scheiding logisch. Als een partner een spiegel voor je is en jij voor hem, voor zijn pijn, dan is de relatie meestal alleen maar vol te houden als beiden weten dat het spiegels zijn en dat je dat met elkaar kunt delen, dat je daarover kunt praten en samen op zoek kunt gaan naar de bron uit je verleden. Alleen door deze inzichten kun je elkaars spiegels verstaan en aangaan. Als deze inzichten er niet zijn is het vaak beter ieder zijn eigen weg te zoeken. Soms is het beter om spiegels beetje bij beetje te krijgen als de oude pijn te heftig is.

Ervaringsherhaling is een situatie die lijkt op een oude situatie die je al hebt gehad. Lijkt omdat de nieuwe situatie altijd iets anders zal zijn dan de oude. Het verschil tussen spiegels en ervaringsherhalingen is belangrijk. Voor spiegels is het belangrijk deze aan te gaan. Bij ervaringherhalingen is het soms beter om dit niet aan te gaan. Als je al in een ervaringsherhaling zit is het soms belangrijk die te doorbreken. Ervaringsherhalingen mogen niet te lang duren. Ervaringsherhalingen ontstaan om je bewust te laten worden waar je staat en wat je doet. Een ervaringherhaling is tevens een spiegel van oude pijn. De ontstane situatie roept de oude pijn op. Een spiegel is een reflectie van de oude pijn via een andere persoon of situatie. Ervaringsherhalingen hoeven niet altijd oude pijn te laten zien, spiegels wel. Ervaringherhalingen kunnen ook laten zien dat je niet in de juiste situatie of op de juiste plek zit. Dat er iets niet goed zit. Het is goed om na te gaan welke gevoelens ervaringsherhalingen bij je oproepen. Zo'n herhaling kan de boodschap in zich dragen dat het goed is je situatie te veranderen. Het is zeker niet de bedoeling dat je ervaringsherhalingen aangaat waar je nauwelijks meer uit kunt komen.

Ik hoop dat het bovenstaande je helpt een en ander helderder te krijgen. Pas op voor mensen die het allemaal zo zeker weten. Niets is zeker in dit leven. Twijfel is de bron van het zoeken. Zij die niet twijfelen zoeken niet. Zij die alles zeker weten worden blind. Twijfel is de bron van inzicht. Via twijfel kan de mist zich eens optrekken en dan zal het voor je helderder worden. Zij die alles zeker weten blijven in de mist achter zonder dat ze het door hebben. Ik heb op de cursusavond ook bij velen het woord moeten gehoord. Binnen de Helios inzichten moet er niets. Moeten zet alle energie vast en we hebben al blokkades genoeg. In principe hoeft er niets in je leven. Accepteer dat niets in het leven gemakkelijk zal zijn en dat onzekerheid erbij hoort. We leven helaas in een paradigma waarin we vol zekerheden behoren te zijn. Maar onzekerheid opent de bron van wijsheid. Zekerheid doet die bron sluiten.

Vraag: Het bewustzijn zit niet in de hersenen. Hoe zit het dan met het begrip hersendood? Voor het doneren van organen is dit een cruciaal begrip. Ik hoop dat je me hier uitleg over kan geven? (Karin, okt. 2010)

Antwoord: Bedankt voor je vraag. Jouw vraag roept een andere vraag op die we eerst gaan beantwoorden, nl. wat is hersendood. Voor de helderheid, er is voor mij een verschil tussen hersendood en hersenstilstand.

Hersenstilstand betekent voor mij dat er in de hersenen geen activiteit meer aanwezig is. Maar dat betekent nog niet dat het lichaam dood is. Deze mensen zijn dan in coma. De hersenen krijgen nog gewoon via het bloed zuurstof en andere noodzakelijke stoffen toegediend. Het lichaam functioneert als het ware op de automatische piloot. Alle organen in het lichaam kunnen nog goed blijven functioneren en eventueel later in aanmerking komen voor donatie. In deze situatie zal er geen orgaan donatie plaats vinden, want de persoon is niet overleden.

Het bewustzijn is de zonnevonk (ziel). Dus als iemand in coma is dan volgt hij alles wat er bij hem gebeurt, vanuit de zonnevonk. De zonnevonk is nog steeds in gewaarzijn. Het lichaam is volkomen passief, maar op zonnevonk niveau is hij er gewoon bij. Hij kan dan waarnemen wie er bv. aanwezig is, enz. De persoon is alleen niet meer instaat te communiceren met zijn omgeving. Maar als bv. het gehoor niet beschadigd is dan kan hij wel horen wat de mensen om hem heen zeggen. Dit soort situaties kan heel lang in stand blijven. De zonnevonk heeft dan besloten, om wat voor reden dan ook, om nog niet over te gaan.

Pas als de hersenen, bv. door een hartstilstand, geen zuurstof meer krijgen sterven ze af. Dat is dan hersendood. En dan gaan ook alle andere organen sterven. De zonnevonk heeft dan het lichaam verlaten. Dan is het moment aangebroken dat er donatie plaats kan vinden. Maar dat staat los van bewustzijn. Op het moment dat de zonnevonk, het bewustzijn, het contact met het lichaam heeft verbroken verlaat de immateriële energie het lichaam. Het bewustzijn, het gewaarzijn van de zonnevonk blijft aanwezig, maar dan buiten het lichaam. De zonnevonk neemt dan zijn eigen lichaam op een afstand waar. Bewustzijn verdwijnt nooit. Het lichaam kan wel het contact met het bewustzijn verliezen. En dat noemen we sterven. Als we een orgaan doneren dan verplaatsen we alleen de materiële energie van het ene lichaam naar het andere lichaam. Vindt dat binnen een bepaalde tijd plaats dan wordt dat orgaan gewoon opgenomen in het materiële en immateriële energiesysteem van het andere lichaam. De zonnevonk van het andere lichaam is zich dan bewust van het andere orgaan dat in het lichaam is geplaatst.

Vraag: Ik heb met Antoinette en Vèronique over hersendood gesproken, waarop de vraag kwam hoe het zit als je slaapt. Als je slaapt wat gebeurt er dan met je materiële en immateriële lichaam? Vanuit de antroposofie krijg je daar wetenschap over, maar in de antroposifie spreekt men over 4 levensdelen en Helios noemt slechts een materieel en een immaterieel levendeel. (Karin, dec. 2010)

Antwoord: Hersendood is een volledige en onherstelbare uitval van de hersenfuncties, inclusief die van de hersenstam. De hersendood is het belangrijkste criterium m.b.t. het concluderen van iemands dood. Bij hersendood stoppen alle functies, inclusief het ademen en dat van de zintuigen. Vanuit de hersenen gezien komen er van de zintuigen geen impulsen meer binnen in de hersenen en er is geen denkpunt meer. Daarna begint het afsterven van de lichaamscellen. Bij coma is dit anders. Bij coma blijven de primaire functies werken, zoals ademen en de hartslag. Ook de zintuigen blijven intact. Maar er is geen fysieke uitwisseling meer met de omgeving.

Slaap is voor twee dingen noodzakelijk. Het eerste is om het materiële lichaam te laten rusten. Het tweede is om de ervaringen van de afgelopen dagen, of dingen uit het verleden, te ordenen, een plek te geven en indien nodig dit ons nog te laten voelen. Tijdens onze dromen spelen gevoelens de hoofdrol. Dit is bedoeld als verwerking van de nog niet ervaren ervaringen en oude pijn. Dus tijdens de slaap blijven de hersenen gedurende bepaalde tijden actief. Wat ook actief blijft is het immateriële lichaam, ofwel de ziel, de zonnevonk. De zonnevonk heeft geen rust nodig. De zonnevonk heeft soms haar eigen bezigheden tijdens de nacht. Ze helpt via het dromen met het verwerken van gevoelens, ze kan ook uittreden om andere mensen te helpen. We hoeven ons dit laatste niet te herinneren als we wakker worden.

De antroposofen spreken inderdaad over het waak-, slaap-, etherisch- en astraallichaam. Helios splitst dit in twee groepen. Waak- en slaaplichaam wordt dan het materiële lichaam, het etheriche- en astraallichaam wordt dan het immateriële lichaam. Hij vond het onderscheidt van Steiner niet geheel duidelijk en onnodig ingewikkeld. Voor Helios is alles in het uninversum energie. deze energie kun je op één lijn leggen. De lijn geeft de snelheid van de enrgie aan. Deze snelheid loopt van nul tot oneindig. Van nul tot de snelheid van het licht noemt Helios materiële energie. Energie dat sneller gaat noemt hij immateriële energie.

In het onderscheidt dat de antroposofen maken kan het idee ontstaan dat we vier verschillende soorten energie hebben, met ieder zijn eigen kenmerken. Ook uit hun uitleg wordt niet duidelijk dat ze alle vier eigenlijk gewoon energie zijn, maar met dit verschil dat ze een andere snelheid hebben, ofwel een ander trillingsfrequentie. Ook geven de antroposofen aan deze vier energieën allerlei verschillende eigenschappen, wat het idee versterkt dat ze verschillend en deels onafhankelijk zijn van elkaar. Helios maakt het allemaal veel simpeler. Er is maar één lichaam, bestaande uit materiële energie, die kan waken en slapen. Daarnaast is er de immateriële zonnevonk, wat Helios geen lichaam noemt, omdat het bewustzijnsenergie is. Ook ons auraveld, behorende bij de ziel, noemt hij geen lichaam, omdat dat ook immateriële energie is. Dit een lichaam noemen werkt alleen maar verwarrend.

Je spreekt over levensdelen. Levensdelen bestaat niet in het Helios paradigma. Dus er bestaan in zijn paradigma geen vier levendelen. Leven kan volgend Helios niet uit delen bestaan. Wat is het dan volgens Helios? Als de immateriële energie zich zelfstandig bundelt tot een draaiende bol, dan is deze bol immateriële energie bewustzijsnenergie. Een deze bol noemen we de zonnevonk. Als deze zonnevonk zich bindt met de materiële energie dan ontstaat er iets wat we leven noemen. Er is in het Helios paradigma maar één soort leven en dat is de combinatie van materiële energie met de immateriële zonnevonk. Immateriële energie die zich niet zelfstandig tot een bol heeft gevormd kan zich bv. wel binden aan bv. een steen, maar dan is dat nog geen leven. De materiële aarde heeft ook een verbinding met de immateriële energie die overal op aarde en in het heelal aanwezig is. Maar alleen de binding tussen materie en bewustzijnsenergie leidt tot leven.

Ik zou de vier levendelen van de antroposofen versimpelen tot dat wat Helios omschrijft. Je kunt het onderscheidt tussen waak, slaap, astraal en etherisch wel handhaven. Maar het blijft helder als het één materieel is en het andere niet. Het probleem is niet zozeer deze indeling in vieren, maar de definiëring van deze begrippen en de eigenschappen die er aan gekoppeld worden. Dat sluit niet aan bij Helios en het maakt het zo ingewikkeld.

 Vraag: Ik zou graag wat informatie willen hebben over dementie, i.v.m. de ziekte van mijn vader? (Paul, dec. 2010)

Antwoord: Bij dementie verdwijnt de persoonlijkheid en het ego. Als eerste verdwijnen de ego-aspecten. Soms als de persoon helder is kunnen ze nog tevoorschijn komen. Maar als de persoon afwezig is dan is elke vorm van ego verdwenen en zelfs de persoonlijkheidsaspecten worden geminimaliseerd. Doordat de persoon niet meer kan communiceren via het herinneringsvermogen ontstaat er stilte. Het enige wat dan overblijft is dat de zonnevonk (de ziel) dan nog aanwezig is. Iemand die dementeert heeft vanuit zijn zonnevonk besloten om een en ander nog te ervaren zonder hindernis van het ego en de persoonlijkheid. Voor de omstanders kan dit erg moeilijk zijn omdat zij worden geconfronteerd met het pure ZIJN van de persoon, waarmee ze geen communicatie kunnen voeren. De moeilijkste momenten ontstaan als de persoon weer even in het contact kan treden en weer zich een en ander herinnert. Dan kunnen nare ego-aspecten als nog naar voren komen omdat dan de aanwezige blokkades zich gaan manifesteren. Niet uitgewerkte ergernissen en boosheid kunnen zich dan specifiek op een of meerdere kinderen of partner gaan richten. Een van de kinderen of de partner werkt dan als een vergrote spiegel voor deze blokkade. Door de onbewustheid wordt dit dan afgereageerd op degene die de spiegel vertegenwordigt. Eigenlijk krijgt de persoonlijkheid dan nog een laatste kans om iets aan een vastzittende blokkade (dat is een blokkade in het energiesysteem) te doen. Voor de omgeving is dit een heel lastig en moeilijke periode.

Vraag: Ik stuur je een artikel over kundalini. Zou je daar iets over kunnen vertellen? (Suze, nov. 2011)

Antwoord: De schrijver gebruikt in dit stukje, en ik begrijp wel dat daarvoor natuurlijk geen ruimte is, veel termen die hij niet uitlegt, waardoor we niet weten wat hij daarmee bedoelt. Ik geef wat voorbeelden.

Bv. de term 'zelfrealisatatie'. Wat betekent dat? Het wordt vaak gebruikt zonder dat duidelijk is wat het betekent. Voor Helios is het een onjuiste term omdat met ZELF, in het Heliosparadigma, de zonnevonk wordt bedoeld. De zonnevonk (ziel) kan niet gerealiseerd worden, want de zonnevonk IS. Realiseren is een beweging naar de toekomst toe en dat bestaat niet in de immateriële wereld. Maar als de schrijver met ZELF iets anders bedoeld idan is natuurlijk de vraag, wat bedoelt hij ermee. Bedoelt hij het realiseren van de persoonlijkheid of het ego? We weten het niet. Het realiseren van de ziel bestaat niet in het Heliosparadigma.

Een ander term die gebruikt wordt is verlichting. Wat is verlichting? Daar zijn al heel veel boeken over geschreven. Maar zelden vindt je daarin een heldere uitleg. Dit woord wordt overal te pas en onpas gebruikt. In het Heliosparadigma betekent het je denkpunt volledig stilzetten en dan in een staat komen van volledig overgave naar dat wat er is. Het denkpunt wordt in ons boek Ziel en Geest uitgebreidt behandeld. Verlichting als langdurige staat van ZIJN bestaat niet binnen de materie, volgens Helios. Binnen de materie kan zoiets alleen soms voorkomen in korte momenten van ZIJN.

Ook spreekt de schrijver over het ontwaken van de chakra's. Ook hier de vraag wat is dat? Want de term ontwaken suggereert een slapen. Kunnen de chakra's slapen? En wat moeten we ons daarbij voorstellen?  De schrijver zegt dat de chakra's zowel een fysiek (dus materiële) en een etherische structuur hebben. Het begrip etherisch is ook verwarrend. Daar bestaan veel verschillende definities voor. Maar geen enkel definitie sluit aan bij het begrip dat Helios gebruikt, namelijk immateriële energie. Immateriële energie is energie dat sneller gaat dan materiële energie. Dus sneller gaat dan de lichtsnelheid van 300.000 km/sec. In het Helios paradigma is de zonnevonk immateriële energie. De 7 chakra's samen zijn de zonnevonk. Het lichaam is materiële energie. Leven is een combinatie van materiële en immateriële enrgie. De zonnevonk kan geen fysieke structuur hebben, dus de charak's ook niet. De zonnevonk is bewust ZIJN, de zonnevonk IS. Dat is de reden dat de zonnevonk nooit slapend kan zijn.

Het is niet mijn bedoeling artikelen af te breken. Het gaat mij erom om ze te lezen vanuit de vraag. Zo'n artikel kan bij mij soms wel 20 vragen oproepen waardoor ik meer helderheid over een en ander krijg. Alles is een leermoment.

Vraag: Ik stuur je hierbij een artikel over de vijf tibetanen. (Arjen, febr. 2012)

Antwoord: Dit stukje geeft goed weer hoe groot de verwarring is over de chakra's en oefeningen doen. In het artikel staat dat naarmate je met de vijf Tibetanen oefent je de snelheid van de draaiende energiecentra (chakra's) opvoerd. Binnen het Heliosparadigma kan dat niet. In het Heliosparadigma kan de draainselheid van de zonnevonk (de chakra's ) alleen toenemen door het ervaren van ervaringen. Ervaringen worden ervaren of beleefd. Beleefde ervaringen zijn niet ervaren, ze zijn beleefd vanuit weerstand. Ervaringen die ervaren worden, worden gevoeld vanuit overgave. Beleefde ervaringen worden gevoeld vanuit weerstand. Alleen de energie van gevoelens, die vanuit volledig overgave worden gevoeld, wordt toegevoegd aan de chakra's waardoor de zonnevonk sneller gaat draaien. Binnen het Heliosparadigma kun je de draaisnelheid van je zonnevonk niet verhogen door oefeningen te doen. Tenzij je onder oefeningen verstaat het voelen van een gevoel vanuit volledig aanvaarding en overgave.

Vraag: Welke categorieën helpers zijn er? (Hans mrt. 2012)

Antwoord: Je kunt niet spreken over categorieën helpers. Die naam zou betekenen dat er verschillende soorten helpers zijn. Dat is niet zo. Helpers zijn zonnevonken die niet meer terug hoeven te incarneren naar de materiële wereld. Dit komt omdat de draainselheid van hun zonnevonk zo snel is dat zij zich kunnen handhaven in de immateriële wereld. Voor zonnevonken in de materiële wereld zijn de immateriële energiekrachten te groot om hun weg daarbinnen te kunnen vervolgen. Zonnevonken binnen de materie moeten eerst via het ervaren van de ervaringen hun zonnevonk zo krachtig maken dat het niet meer nodig is om binnen de materie opnieuw te incarneren. Een helper, ook wel gids genoemd is een zonnevonk die niet meer hoeft te incarneren binnen de materie. Hij vervolgt zijn zonneweg binnen de immaterie. De ervaringswerelden in de immaterie noemt Helios de 4de tot en met de 7de sfeer. Naarmate de zonnevonk sneller gaat draaien en in bewustzijn toeneemt zet hij zijn ervaringen voort in een volgende sfeer. Dus een gids uit de 4de sfeer zal vragen anders beantwoorden dan een gids uit de 7de sfeer.

Vraag: Ik heb onlangs een paar boeken over engelen gelezen. Wat me bevreemde is dat de ervaringen van de schrijfster gekoppeld worden aan gedaanten die menselijke houdingen en kleding aannemen en blijkbaar direct in contact staan met de hoofdpersoon. Hoe kan zo'n engel zich zo intensief op haar richten? (Suze mrt. 2012)

Antwoord: De eerste vraag is: wat verstaat de schrijfster onder engelen? Wordt dat uigtelegd in die boeken of gaat ze ervan uit dat wij als lezers wel weten wat er bedoeld wordt. Over engelen bestaan de meest uiteenlopende beschrijvingen en die zijn allemaal verschillend. Engelen hebben in deze tijd meestal een christelijke bron en in de christelijke leer hebben ze in de afgelopen 20 eeuwen een gezicht, een vorm, kleding en vleugels gekregen. Dat beeld is binnen ons huidig paradigma vast gaan zitten. Als we iets lezen over engelen en de schrijver(ster) stelt geen duidelijke vragen of legt niet uit wat hij/zij hieronder verstaat kun je ervan uitgaan dat het geschrevenen volledig beïnvloed is door ons christelijk paradigma.

In het Heliosparadigma zijn engelen energieën die een functie hebben binnen het universele geheel om dit geheel te helpen in stand te houden. Engelen zijn voor Helios geen zonnevonken, geen gidsen die ooit op aarde geleefd hebben. Engelen, zoals Helios dat beschrijft, hebben ook vrijwel nooit contact met mensen hier op aarde. Als iemand schrijft dat hij/zij contact heeft met een engel, dan is dat een interpretatie. We noemen dat ruis. Het mooiste zou zijn dat, als iemand contact kan leggen met een energie, hij /zij dan ook vraagt wat voor energie dat dan is. Niet alleen een naam vragen, want ook een naam wordt mede bepaald door de persoon (meestal onbewust) die channelt. Bij goed doorvragen zal er dan uitkomen dat deze persoon dan contact heeft met een gids. Een gids is een zonnevonk die zijn aardse weg al heeft voltooid en zijn ervaringen verder opdoet in de immateriële wereld. Alles wat je in je vraag schrijft over menselijke houdingen, kleding en dergelijke, is de interpretatie van de schrijver(ster). En dat is ruis omdat in de immateriële wereld dit soort dingen niet bestaan. Dit is ook de reden dat in de joodse en islamitische godsdienst God geen gezicht heeft. Zo gauw iets een gezicht krijgt wordt het een interpretatie.

Als mensen bij het channelen geen vragen stellen is de mogelijkheid van ruis erg groot. Hun voorstellingsvermogen zal de door gekregen beelden gaan vervormen. Als men channelt is het belangrijk een methode te gebruiken die de ruis minimaliseert. Channelen zonder ruis bestaat niet. Ook het Heliosmateriaal is gevoelig voor ruis. Daarom hebben we de vraag centraal staan. Alles wat Helios doorgeeft gaat via een vraag. Het is jammer dat er in het algemeen zo weinig aandacht is voor ruisvorming. Het channelen komt daardoor in een negatief daglicht te staan.

Vraag: Ik zou graag willen weten of jullie ook privé-sessies geven, waarbij ik dan bijvoorbeeld vragen stel en jullie e.e.a. doorgechanneld krijgen? (Joke, apr. 2012)

Antwoord: Helaas moet ik u teleurstellen. Wij geven geen privé-sessies, omdat wij niet gericht zijn op het stellen van persoonlijke vragen. De vragen die wij stellen zijn uitsluitend gericht op het verwerven van inzichten in energetische krachten en mechanismen die wij in ons dagelijks leven tegenkomen. Ons boek Ziel en Geest gaat uitsluitend over deze onderwerpen. Ook in de door ons gegeven cursussen komen alleen deze onderwerpen aan de orde.

Vraag: Het betreft vr. 254 in jullie boek Ziel en Geest. Binnen het antwoord van deze vraag, geeft Helios een oefening om tot eenpuntigheid te kunnen komen. Eerst met de voeten kontact maken met de aarde en dan in te ademen en je adem via je voeten naar de aarde te laten stromen, waardoor je verbinding met de aarde maakt. Bedoeld Helios met de inademing je adem door te laten stromen via de voeten naar de aarde of moet dit met de uitademing gebeuren? (Evert nov. 2012)

Antwoord: Het is inderdaad de bedoeling dat je eerst inademt, en dat je op je uitademing je adem/energie door laat stromen via je voeten de aarde in. Ik citeer de passage van de vraag even voor de duidelijkheid.

'Om eenpuntigheid te verkrijgen is het verstandig om iedere keer als u een huis of kantoor ingaat uw voeten op de grond te voelen, dan in te ademen en vervolgens uw uitademing via uw voeten naar de aarde te laten stromen, waardoor u verbinding met de aarde maakt ..... enz.'

Dit is inderdaad niet helemaal goed in het boek opgenomen. Hartelijk dank voor deze opmerking.

Vraag: Ik ben nu bij vraag 256 uitgekomen en daar staat iets wat me niet helemaal helder is. Misschien kunnen jullie helpen. In eerste instantie wordt er gesproken over het stilzetten van het denken. er wordt gezegd dat dit alleen kortstondig mogelijk is. Dan staat er: 'Om te kunnen blijven functioneren, kan het denkpunt, bij het stilzetten van de gedachten, wel zodanig geminimaliseerd worden dat alle persoonlijkheidsaspecten op een laag pitje gezet worden.' Dat wordt vervolgend aangeduid als een eenpuntigheid van de gedachten. Mijn vraag is: wordt er met het minimaliseren van het denkpunt en eenpuntigheid van de gedachten het zelfde bedoel als 'de gedachten stilzetten'? Of wordt hier toch iets anders mee bedoeld. (Marco, juni 2013)

Antwoord: Je vraag gaat over het onderscheidt tussen minimaliseren en eenpuntigheid, want met deze twee begrippen wordt niet hetzelfde bedoeld. Eenpuntigheid betekent dat je of je gedachten, of je denken, geheel stilzet. Minimaliseren betekent dat de gedachten of het denken nog geactiveerd blijven, maar dan minimaal.

Ik kan mijn gedachten minimaliseren door bijvoorbeeld een matra te reciteren. Dan herhaal ik steeds een enkel woord of een enkele zin. Dan zijn mijn gedachten geminimaliseerd doordat ik mijn aandacht focus op de matra of zin. Bij gedachten minimaliseren blijft het denken nog volledig actief. Mensen die aan Trancendente Meditatie doen minimaliseren hun gedachten door het reciteren van een enkel woord.

Dan ga ik een stap verder. Ik zet mijn gedachten volledig stil door me te focussen op één punt. Dat is wat Zen-boeddhisten beoefenen. Dat is de eenpuntigheid van gedachten. Dan wordt tegelijkertijd het denken geminimaliseerd, maar niet stilgezet. Je gedachten voledig stilzetten kan alleen als het denken geminimaliseerd wordt. De gedachten stilzetten is een activiteit en uit die activiteit volgt vanzelf dat het denken geminimaliseerd wordt.

De volgende stap is het denkpunt stilzetten. Dat is de eenpuntigheid van het denken. Dan staan gedachten en denken volledig stil. Dat betekent dat de gedachten zich ook in een eenpuntigheid bevinden. Als de gedachten alleen geminimaliseerd zijn kan het denken zich niet in een eenpuntigheid bevinden. De eenpuntigheid van het denken kan alleen kortstondig duren. Deze staat van ZIJN noemt men ook wel het verlichtingsmoment. In een toestand van voortdurende verlichting zijn is binnen de materie niet mogelijk. We hebben ons denken en onze gedachten nodig om ons te manifesteren binnen de materie, binnen onze incarnatie. Verlichtingsmomenten hebben kan wel, maar is niet nodig voor de groei van onze zonnevonk.